Overgangsklachten — afvallen en bewegen helpen níét tegen opvliegers
De herziene huisartsenrichtlijn ruimt meer plaats in voor hormoontherapie — en schrapt tegelijk een rij middelen die veel mensen als eerste proberen: zilverkaars, fyto-oestrogenen, afvallen en meer bewegen helpen niet tegen opvliegers.
Deze pagina noemt geen doseringen en adviseert niet om wel of niet te starten. De richtlijn noemt hormoontherapie bewust een zwakke aanbeveling: de afweging maak je samen met je huisarts, met de drie keuzekaarten op Thuisarts.nl als hulpmiddel.
Je situatie
De uitkomst beschrijft wat de richtlijn over jouw type klachten zegt.
Houd Ctrl ingedrukt om er meerdere te kiezen.
Uitkomst
—
| Optie | Wat de richtlijn zegt |
|---|
De berekening gebeurt in je browser. Geen van deze waarden wordt verstuurd of opgeslagen.
Wat er volgens de richtlijn niet werkt
Dit is het deel dat de meeste mensen verrast, omdat het precies de middelen betreft waarmee men begint. Voor opvliegers en nachtelijke zweetaanvallen geldt volgens de herziene standaard dat zilverkaars, fyto-oestrogenen, afvallen en meer bewegen niet helpen.
Eén niet-hormonale route houdt wel stand: stressreducerende therapie lijkt enig effect te hebben.
Dat afvallen en bewegen hier niet werken, betekent uiteraard niet dat ze nutteloos zijn — alleen dat ze het aantal opvliegers niet verminderen. Dat is een ander soort claim dan «gezond leven helpt altijd».
Wat wel werkt, en wat dat kost
Hormoontherapie is de hoeksteen van de behandeling: oestrogeen, meestal gecombineerd met een progestageen. De richtlijn is er stellig over — alleen van deze behandeling is de effectiviteit overtuigend aangetoond.
En dan het getal waar het gesprek meestal om draait, in bruikbare vorm: de extra kans op borstkanker na drie jaar gebruik wordt op basis van observationeel onderzoek geschat op 2 per 1000 gebruiksters.
De herziening heeft de balans verschoven: de werkgroep acht de risico's bij een therapieduur korter dan vijf jaar acceptabel wanneer een vrouw ernstige hinder ondervindt van opvliegers of nachtelijk zweten.
Tegelijk blijft het een zwakke aanbeveling, en de reden staat er eerlijk bij: er is een kleine — en soms onzekere — risicoverhoging van zeldzame maar ernstige aandoeningen, waaronder borstkanker, hartinfarct, beroerte, baarmoederkanker en trombose. Daarom is dit bij uitstek een gezamenlijke afweging.
Twee dingen die verwachtingen bijstellen
- Hormoontherapie beïnvloedt stemming en seksueel functioneren waarschijnlijk niet of nauwelijks. Het is dus een behandeling voor vasomotorische klachten, niet voor alles wat in deze levensfase zwaar valt.
- Een mammografie vóór de start wordt niet aanbevolen; deelname aan het gewone bevolkingsonderzoek volstaat.
Bij vulvovaginale klachten — droogheid, pijn bij vrijen — worden sinds de herziening ook indifferente middelen geadviseerd, dus zonder hormoon. Dat is een aparte route naast de behandeling van opvliegers.
Hoe lang het duurt
| Duur | |
|---|---|
| Tot de menstruatie definitief wegblijft | Gemiddeld 4 tot 6 jaar |
| Opvliegers en nachtelijke zweetaanvallen | 3 tot 7 jaar |
De standaard zegt er iets bij dat op zichzelf geruststellend kan zijn: het valt niet te voorspellen in welke mate een vrouw klachten zal krijgen. De overgang is een fysiologisch proces met grote variatie in beloop en hinder, dat vaak samenvalt met andere verouderingsverschijnselen en met veranderingen in werk en gezin.
Over de schaal: naar schatting bevinden zich in Nederland ongeveer 1,8 miljoen vrouwen in de overgang, van wie ongeveer 80 procent klachten ervaart. Het is dus zowel gewoon als serieus.
Hoe je het gesprek ingaat
Omdat de aanbeveling zwak is en de afweging persoonlijk, bestaan er inmiddels drie keuzekaarten op Thuisarts.nl bij deze standaard. Nuttig om vooraf scherp te hebben:
- Welke klacht staat bij jou voorop — opvliegers, vaginale klachten, of iets anders? Dat bepaalt de route.
- Hoeveel hinder ondervind je in je dagelijks leven? Dat is de term die de richtlijn zelf gebruikt.
- Hoe weeg jij 2 per 1000 extra kans na drie jaar tegenover het effect op je klachten?
Zie ook de overgang en hevig bloedverlies.
Veelgestelde vragen
Helpt afvallen of meer bewegen tegen opvliegers?
Volgens de herziene richtlijn niet. Niet-hormonale behandelingen zoals zilverkaars, fyto-oestrogenen, afvallen en meer bewegen helpen niet tegen opvliegers. Stressreducerende therapie lijkt wel enig effect te hebben.
Wat werkt dan wel?
Hormoontherapie is de hoeksteen van de behandeling — oestrogeen, meestal met een progestageen — en alleen van deze behandeling is de effectiviteit overtuigend aangetoond. Bij vulvovaginale klachten worden daarnaast indifferente middelen geadviseerd.
Hoe groot is het borstkankerrisico?
De extra kans na drie jaar gebruik wordt op basis van observationeel onderzoek geschat op 2 per 1000 gebruiksters. Daarnaast is er een kleine, soms onzekere risicoverhoging van andere zeldzame maar ernstige aandoeningen, zoals hartinfarct, beroerte, baarmoederkanker en trombose.
Is de richtlijn strenger of juist soepeler geworden?
Soepeler: in de herziene standaard is meer plaats ingeruimd voor hormoontherapie. De werkgroep acht de risico's bij een therapieduur korter dan vijf jaar acceptabel als een vrouw ernstige hinder ondervindt van opvliegers of nachtelijk zweten. Het blijft wel een zwakke aanbeveling, dus een gezamenlijke afweging.
Hoe lang duren overgangsklachten?
Het duurt gemiddeld vier tot zes jaar voordat de menstruatie definitief wegblijft, en opvliegers en nachtelijke zweetaanvallen kunnen drie tot zeven jaar duren. Hoeveel klachten iemand krijgt, valt niet te voorspellen.
Hiernaast lezen
Wanneer de overgang formeel begint en eindigt staat op een eigen pagina; deze gaat over de klachten zelf.
Bron en methode
- Werkt niet tegen opvliegers
- Zilverkaars, fyto-oestrogenen, afvallen en meer bewegen
- Werkt mogelijk wel
- Stressreducerende therapie
- Hoeksteen
- Hormoontherapie; enige behandeling met overtuigend aangetoonde effectiviteit
- Risico
- Extra kans op borstkanker geschat op 2 per 1000 na drie jaar
- Duur
- Risico's acceptabel geacht bij therapieduur korter dan vijf jaar bij ernstige hinder
- Vooraf
- Mammografie vóór de start wordt niet aanbevolen
- Gepubliceerd
- 1 september 2026
- Laatste herziening
- 1 september 2026
- Volgende herziening
- februari 2027
Deze rekentool stelt geen diagnose en vervangt niet het oordeel van een zorgverlener. Lees de medische disclaimer.