gezondheidstoolsGratis · zonder account
Zicht

Kleurenzien — «kleurenblind» klopt zelden, en nieuw ontstaan is iets anders

Het woord suggereert een uit-knop, maar zo werkt het zelden: de meeste mensen zien nog wel kleuren, alleen niet alle even goed. Vakbronnen gebruiken daarom liever kleurenzienstoornis. En er is een tweede onderscheid dat praktisch belangrijker is: aangeboren of nieuw ontstaan.

Bijgewerkt op 1 september 2026 8% van de mannen Geen gegevens verstuurd

Op deze pagina staat geen kleurentest. Een scherm geeft kleuren anders weer dan drukwerk — helderheid, kalibratie en omgevingslicht veranderen de uitkomst. Wil je het zeker weten, dan hoort dat bij een optometrist of oogarts.

Wat merk je

De uitkomst beschrijft welk patroon erbij past; het is geen vaststelling.

Houd Ctrl ingedrukt om er meerdere te kiezen.

Hoe het oog kleur maakt

In het netvlies zitten twee soorten lichtgevoelige cellen: ongeveer 120 miljoen staafjes, waarmee je verschil tussen licht en donker ziet, en ongeveer 6 miljoen kegeltjes, waarmee je kleur en detail ziet. In het donker werken alleen de staafjes — daarom zie je 's nachts nauwelijks kleur, ook met perfect kleurenzien.

Er zijn drie soorten kegeltjes, gevoelig voor rood, groen of blauw. Werken ze alle drie samen, dan zie je het hele kleurbereik. Doet er één het minder goed, dan spreken we van kleurzwakte — en dat is het gewone geval, niet het uitvallen van een kleur.

Vandaar het taalprobleem: «kleurenblind» is eigenlijk een verkeerde benaming. Meestal gaat het om deuteranomalie, een verminderde gevoeligheid voor groen. Rood helemaal niet kunnen zien komt bij ongeveer 1 procent van de mannen voor, en verminderd rood zien bij nog eens 1 procent.

Aangeboren of nieuw ontstaan

Dit is het onderscheid dat praktisch het meeste uitmaakt, en het staat zelden vooraan in voorlichting.

De aangeboren vorm is er altijd geweest en verandert niet. Ze is geslachtsgebonden erfelijk en komt daardoor veel vaker bij mannen voor.

Kleurenzienstoornis die op latere leeftijd ontstaat gedraagt zich anders: die komt bij mannen en vrouwen even vaak voor, en gaat meestal om een blauw-geelafwijking. Als oorzaken worden genoemd afwijkingen aan de oogzenuw, erfelijke aandoeningen van het netvlies, en bepaalde medicijnen.

Daarom is «ik zie kleuren de laatste tijd anders» een andere vraag dan «ik ben kleurenblind». Het eerste hoort onderzocht te worden; het tweede is een eigenschap die je kunt laten vaststellen.

Hoe de erfelijkheid loopt

De betrokken genen liggen op het X-chromosoom. Mannen hebben er één, vrouwen twee — en bij vrouwen komt de afwijking alleen tot uiting als beide X-chromosomen het gen dragen. Dat verklaart het verschil: ongeveer 8 procent van de mannen tegenover ongeveer 0,5 procent van de vrouwen.

Het praktische gevolg is een overervingspatroon dat lijkt over te slaan: kinderen kunnen het van hun opa erven, via hun moeder, die zelf niets merkt.

Eén vorm valt buiten dat patroon. De werking van de blauwe kegeltjes wordt bepaald door een gen op chromosoom 7, dat mannen en vrouwen even vaak hebben — dus de erfelijke geel-blauwvormen komen bij beide seksen even vaak voor.

De test, en wat het betekent in het dagelijks leven

De bekendste test is de Ishihara-test: een set kaarten met gekleurde stippen waarin in een afwijkende kleur een cijfer of vorm staat. Wie normaal kleuren ziet leest dat cijfer moeiteloos; bij bepaalde kaarten lukt dat niet, afhankelijk van de vorm. Vaststellen kan al vanaf een jaar of vier, en de aandoening is niet te genezen.

Wat mensen er in de praktijk van merken, komt uit een enquête onder ruim twaalfduizend Nederlanders: het vaakst bij het combineren van kleding (57 procent), bij het lezen van tijdschriften of websites (19 procent) en bij winkelen (16 procent). Ongeveer 16 procent voelt zich belemmerd in het werk.

Over beroepen noemt de voorlichting dat piloot, machinist en sommige militaire functies niet toegankelijk zijn, en dat beroepen als elektricien en politie een geslaagde test eisen. Voor het Nederlandse rijbewijs gaan de eisen over gezichtsscherpte en gezichtsveld — kleurenzien staat daar niet bij. Zie zicht en rijbewijs.

Veelgestelde vragen

Hoe vaak komt het voor?

Ongeveer 8 procent van de mannen in Nederland heeft een vorm van kleurenzienstoornis, tegenover ongeveer 0,5 procent van de vrouwen. Rood helemaal niet kunnen zien komt bij ongeveer 1 procent van de mannen voor, en verminderd rood zien bij nog eens 1 procent.

Waarom komt het vaker voor bij mannen?

Omdat de betrokken genen op het X-chromosoom liggen. Mannen hebben er één, vrouwen twee, en bij vrouwen komt de afwijking alleen tot uiting als beide X-chromosomen het gen dragen. Daardoor kunnen kinderen het van hun opa erven via hun moeder, die er zelf niets van merkt.

Is «kleurenblind» de juiste term?

Meestal niet. De meeste mensen zien nog wel kleuren, alleen niet alle even goed; vakbronnen gebruiken daarom liever kleurenzienstoornis. Het gaat meestal om deuteranomalie: een verminderde gevoeligheid voor groen.

Ik zie kleuren de laatste tijd anders. Is dat hetzelfde?

Nee, dat is een andere vraag. De aangeboren vorm verandert niet. Een kleurenzienstoornis die op latere leeftijd ontstaat komt bij mannen en vrouwen even vaak voor, gaat meestal om een blauw-geelafwijking, en kan samenhangen met de oogzenuw, het netvlies of bepaalde medicijnen. Laat dat onderzoeken.

Kan ik het online testen?

Niet betrouwbaar. De Ishihara-test bestaat uit gedrukte kaarten, en een scherm geeft kleuren anders weer: helderheid, kalibratie en omgevingslicht veranderen de uitkomst. Wil je het zeker weten, dan hoort dat bij een optometrist of oogarts. Vaststellen kan al vanaf een jaar of vier.

Hiernaast lezen

Scherpte en kleur zijn verschillende eigenschappen van het zien; de ene meting zegt niets over de andere.

Bron en methode

Oorzaak
Meestal verminderde werking van één van de drie soorten kegeltjes in het netvlies
Meest voorkomend
Deuteranomalie — kleurzwakte voor groen; rood-groen is het bekendste patroon
Erfelijkheid
Geslachtsgebonden via het X-chromosoom; geel-blauwvormen via chromosoom 7 en dus seksegelijk
Voorkomen
Ongeveer 8% van de mannen en 0,5% van de vrouwen in Nederland
Nieuw ontstaan
Komt bij beide seksen even vaak voor, meestal blauw-geel; vraagt onderzoek
Test
Ishihara, op gedrukte kaarten; niet te genezen
Gepubliceerd
1 september 2026
Laatste herziening
1 september 2026
Volgende herziening
februari 2027

Deze rekentool stelt geen diagnose en vervangt niet het oordeel van een zorgverlener. Lees de medische disclaimer.