UV-index — bewolking houdt het licht tegen maar de straling nauwelijks
Bewolking dempt het zichtbare licht veel sterker dan de ultraviolette straling. Daardoor kan een bewolkte zomerdag nog een UV-index van 5 hebben terwijl het grijs en fris aanvoelt — en dat is precies wanneer mensen verbranden zonder het door te hebben.
De verbrandingstijd is een ruwe indicatie, geen tijdslimiet. Ze verschilt sterk per persoon en de schatting is grof. Gebruik het getal om te begrijpen hoe de omstandigheden meewegen, niet als een klok die aftelt.
De omstandigheden
De UV-index staat in de weerapp; hij loopt in Nederland zelden boven 7.
Uitkomst
—
| UV-index | Bij jouw huidtype |
|---|
El cálculo se ha hecho en tu navegador. Ninguno de estos waarden se ha enviado ni guardado.
Waarom bewolking bedriegt
Zichtbaar licht en ultraviolette straling gedragen zich anders in een wolkendek. Het licht wordt sterk gedempt — vandaar dat het grijs is. De UV-straling komt er voor een groot deel doorheen.
Het gevolg is een gevaarlijke combinatie: het voelt fris, het oogt grijs, en de straling is bijna dezelfde. Mensen blijven langer buiten juist omdat het er niet naar uitziet.
Er bestaat zelfs een omgekeerd effect. Bij gebroken bewolking kan de UV rond een wolkenrand tijdelijk hoger uitvallen dan bij een strakblauwe hemel, doordat het licht van de wolkenranden extra weerkaatst.
Twee andere dingen die niets met warmte te maken hebben:
- Temperatuur zegt niets. Een frisse dag in mei kan een hogere index hebben dan een warme dag in augustus, omdat de zon in mei relatief hoog staat.
- Wind maakt het verraderlijker. Zeewind koelt de huid, waardoor het waarschuwingssignaal van warmte wegvalt terwijl de straling gewoon doorgaat.
Weerkaatsing telt op
| Ondergrond | Extra |
|---|---|
| Gras, terras, straat | vrijwel niets |
| Water | ongeveer 15 % |
| Zand | ongeveer 25 % |
| Sneeuw | tot 60 % |
De straling komt niet alleen van boven. Wat de ondergrond terugkaatst komt erbij, en dat verklaart waarom je op het strand sneller verbrandt dan in dezelfde zon op een terras.
Weerkaatsing bereikt bovendien plekken die de directe zon niet raakt: de onderkant van de kin, de neus en de oren. Dat is de reden dat mensen op het water op ongebruikelijke plekken verbranden.
Schaduw helpt daardoor minder dan verwacht. Onder een parasol op het strand krijg je nog steeds de weerkaatsing van het zand — schaduw houdt de directe straling tegen en de indirecte niet.
Nog te controleren bij de volgende herziening: de weerkaatsingspercentages en de UV-indexwaarden die in Nederland gebruikelijk zijn per seizoen.
Wat de beschermingsfactor werkelijk betekent
Een factor 30 laat ongeveer een dertigste van de straling door, en dat klinkt als dertig keer langer buiten kunnen blijven. In de praktijk klopt dat niet, en de reden is banaal.
Die factor wordt bepaald met een dikke laag — aanzienlijk meer dan mensen gewoonlijk opdoen. Wie de helft gebruikt, houdt veel minder dan de helft van de bescherming over: het verband is niet recht.
Daar komt bij dat de laag verdwijnt door zwemmen, afdrogen, zweten en wrijven van kleding. Opnieuw aanbrengen is daarom geen extra voorzorg maar de voorwaarde waaronder het getal geldt.
Deze pagina rekent de factor daarom niet volledig mee: de vermenigvuldiging in de rekensom is bewust bescheidener dan de factor op de verpakking.
Wat deze rekentool niet doet
- Geen tijdslimiet. De verbrandingstijd is een ruwe indicatie.
- Geen UV-index voorspellen. Die vul je in vanuit de weerapp.
- Geen advies over huidcontrole of over plekjes; dat hoort bij de huisarts.
- Geen rekening met medicatie die de huid gevoeliger maakt.
Veelgestelde vragen
Kan ik verbranden op een bewolkte dag?
Ja, en dat gebeurt vaak. Bewolking dempt het zichtbare licht veel sterker dan de UV-straling, dus het is grijs en fris terwijl de straling bijna dezelfde is. Bij gebroken bewolking kan de UV rond een wolkenrand zelfs hoger uitvallen dan bij een strakblauwe hemel.
Zegt de temperatuur iets over de UV?
Niets. Een frisse dag in mei kan een hogere index hebben dan een warme dag in augustus, omdat de zon in mei relatief hoog staat. Wind maakt het verraderlijker: zeewind koelt de huid, waardoor het waarschuwingssignaal van warmte wegvalt terwijl de straling doorgaat.
Waarom verbrand ik sneller op het strand?
Door weerkaatsing van de ondergrond: zand kaatst ongeveer een kwart terug en water zo'n vijftien procent. Die straling bereikt bovendien plekken die de directe zon niet raakt — de onderkant van de kin, de neus, de oren.
Beschermt schaduw voldoende?
Minder dan verwacht. Onder een parasol op het strand krijg je nog steeds de weerkaatsing van het zand: schaduw houdt de directe straling tegen en de indirecte niet.
Kan ik met factor 30 dertig keer langer in de zon?
Nee. Die factor wordt bepaald met een dikkere laag dan mensen gewoonlijk opdoen, en wie de helft gebruikt houdt veel minder dan de helft van de bescherming over — het verband is niet recht. Bovendien verdwijnt de laag door zwemmen, afdrogen en zweten. Deze pagina rekent de factor daarom bewust bescheidener mee dan hij op de verpakking staat.
Hiernaast lezen
Welk huidtype je hebt bepaalt de uitkomst het sterkst, en heeft een eigen pagina.
Bron en methode
- Basis
- Indicatieve tijd tot roodheid, afgeleid van de UV-index en het huidtype
- Huidtype
- Bepaalt de uitgangstijd; de zes categorieën lopen sterk uiteen
- Weerkaatsing
- Water ongeveer 15 %, zand 25 % en sneeuw tot 60 % extra
- Bewolking
- Dempt zichtbaar licht sterker dan UV-straling
- Beschermingsfactor
- Bewust niet volledig meegerekend, omdat de laag in de praktijk dunner is dan bij de bepaling
- Beperkingen
- Ruwe indicatie; geen rekening met medicatie die de huid gevoeliger maakt
- Gepubliceerd
- 1 september 2026
- Última revisión
- 1 september 2026
- Próxima revisión
- februari 2027
Deze rekentool stelt geen diagnose en vervangt niet het oordeel van een zorgverlener. Lees de medische disclaimer.