Cholesterol omrekenen — één factor voor alles gebruiken is de fout die het vaakst gemaakt wordt
Nederlandse laboratoria rapporteren in mmol/L, terwijl vrijwel alle Engelstalige informatie in mg/dL staat. De omrekening is simpel en heeft één valkuil: elke stof heeft zijn eigen factor. Wie de cholesterolfactor op triglyceriden loslaat, zit er ruim twee keer naast.
Deze pagina geeft geen streefwaarden. Wat een waarde betekent hangt af van je hele situatie en van wat je arts erbij weet — leeftijd, andere waarden, medicatie, familiegeschiedenis. Wat hier staat is een omrekening, meer niet.
Je waarden
Vul in wat je uitslag zegt; de andere eenheid wordt berekend.
Uitkomst
—
| Waarde | mmol/L | mg/dL | Factor |
|---|
El cálculo se ha hecho en tu navegador. Ninguno de estos valores se ha enviado ni guardado.
De factoren, en waarom ze verschillen
| Stof | mmol/L → mg/dL |
|---|---|
| Totaal cholesterol, LDL, HDL | × 38,67 |
| Triglyceriden | × 88,57 |
| Glucose | × 18,02 |
De twee eenheden meten iets anders. mmol/L telt moleculen per liter; mg/dL weegt massa per deciliter. Om van het ene naar het andere te komen moet je weten hoe zwaar één molecuul is — en dat verschilt per stof.
Vandaar drie verschillende factoren. Triglyceridenmoleculen zijn fors groter dan cholesterolmoleculen, dus dezelfde molaire concentratie levert veel meer massa op.
Daar komt de veelgemaakte fout vandaan: wie de vertrouwde 38,67 op triglyceriden toepast, komt op ruim de helft van de juiste waarde uit. Het getal ziet er plausibel uit en is fout.
Nog te controleren bij de volgende herziening: of Nederlandse laboratoria uitsluitend mmol/L rapporteren en met hoeveel decimalen.
Waarom Nederland mmol/L gebruikt
Nederlandse laboratoria rapporteren in millimol per liter, net als de meeste Europese landen. De Verenigde Staten en enkele andere landen houden mg/dL aan.
Praktisch betekent dat: je eigen uitslag staat in mmol/L, en vrijwel alles wat je erover leest in het Engels staat in mg/dL. Een Amerikaans artikel dat spreekt over «LDL onder 100» heeft het over 2,6 mmol/L — een getal dat er heel anders uitziet.
Er zit ook een voordeel aan mmol/L dat zelden genoemd wordt: omdat het moleculen telt, zijn de waarden van verschillende stoffen onderling optelbaar. Niet-HDL uitrekenen door HDL van het totaal af te trekken werkt in beide stelsels, maar de molaire logica sluit beter aan bij wat er in het bloed gebeurt.
Wat in beide stelsels hetzelfde blijft zijn de verhoudingen. Totaal gedeeld door HDL heeft geen eenheid en verandert dus niet bij omrekening — handig als je uitslagen uit verschillende landen naast elkaar legt.
Waar het bij het lezen nog meer misgaat
- LDL wordt vaak berekend, niet gemeten. Uit totaal, HDL en triglyceriden via een formule. Bij hoge triglyceriden klopt die berekening niet meer en meet het lab rechtstreeks.
- Nuchter of niet maakt vooral uit voor triglyceriden. Cholesterolwaarden verschillen daar veel minder van.
- Referentiewaarden staan bij je eigen uitslag en verschillen per laboratorium en per methode. Een grens uit een artikel hoort niet automatisch bij jouw bepaling.
- Eén meting is een momentopname. Cholesterolwaarden variëren tussen bepalingen, ook zonder dat er iets veranderd is.
Dat laatste punt verklaart waarom er bij een afwijkende uitslag vaak een herhaling volgt in plaats van meteen een conclusie.
Wat deze rekentool niet doet
- Geen streefwaarden. Die hangen af van je hele situatie.
- Geen risicoschatting, waarvoor meer nodig is dan deze waarden.
- Geen referentiewaarden: die staan bij je eigen uitslag en verschillen per lab.
- Geen LDL berekenen uit de andere waarden — dat is een aparte formule met eigen grenzen.
Veelgestelde vragen
Waarom heeft elke stof een eigen omrekenfactor?
Omdat de twee eenheden iets anders meten. Millimol per liter telt moleculen, milligram per deciliter weegt massa. Om te wisselen moet je weten hoe zwaar één molecuul is, en dat verschilt per stof. Triglyceridenmoleculen zijn fors groter dan cholesterolmoleculen, dus dezelfde molaire concentratie levert veel meer massa op.
Wat gebeurt er als ik één factor voor alles gebruik?
Bij triglyceriden zit je er ruim twee keer naast. De vertrouwde 38,67 hoort bij cholesterol; triglyceriden gebruiken 88,57 en glucose 18,02. Het vervelende is dat de foute uitkomst er plausibel uitziet, dus er gaat geen belletje rinkelen.
Waarom staat mijn uitslag in mmol/L en het artikel in mg/dL?
Nederlandse laboratoria rapporteren in mmol/L, net als de meeste Europese landen; de Verenigde Staten houden mg/dL aan. Een Amerikaans artikel dat spreekt over «LDL onder 100» heeft het over 2,6 mmol/L — hetzelfde getal, andere eenheid.
Verandert de verhouding totaal/HDL bij omrekenen?
Nee, en dat is precies waarom die verhouding handig is. Een ratio heeft geen eenheid, dus hij blijft hetzelfde in beide stelsels. Dat maakt hem bruikbaar als je uitslagen uit verschillende landen naast elkaar legt.
Waarom moet ik soms nuchter zijn en soms niet?
Het verschil zit vooral bij triglyceriden, die na een maaltijd flink stijgen. Cholesterolwaarden verschillen veel minder tussen nuchter en niet-nuchter. Omdat LDL vaak uit de andere waarden wordt berekend, werkt die berekening bij hoge triglyceriden niet meer en meet het lab dan rechtstreeks.
Hiernaast lezen
De verhoudingen tussen deze waarden hebben geen eenheid en blijven bij omrekening gelijk.
Bron en methode
- Cholesterol
- mmol/L maal 38,67 geeft mg/dL; geldt voor totaal, LDL en HDL
- Triglyceriden
- mmol/L maal 88,57 geeft mg/dL
- Glucose
- mmol/L maal 18,02 geeft mg/dL
- Herkomst van de factoren
- De molmassa van de stof; mmol/L telt moleculen en mg/dL weegt massa
- Verhoudingen
- Ratio's hebben geen eenheid en veranderen niet bij omrekening
- Beperkingen
- Geen streefwaarden, geen referentiewaarden en geen risicoschatting
- Gepubliceerd
- 1 september 2026
- Última revisión
- 1 september 2026
- Próxima revisión
- februari 2027
Esta herramienta no emite diagnósticos y no sustituye la valoración de un profesional sanitario. Consulta el aviso médico.